Mirjam Slokker

Coaching en blogs

Waarom je af en toe een aapje moet laten vallen

‘Stop, hou op.’ Zo leert ze het op school, m’n oudste dochter. Grenzen stellen. De jongste van twee heeft haar eigen variant: ‘Ga wegwezen!’ Ook zeer effectief. Ik ben blij dat ze dit zo vroeg leren. Want grenzen stellen, je kunt er een leven lang mee oefenen. Op tijd aanvoelen, diplomatiek aangeven, niet te soft. En daarna echt die terugtrekkende beweging maken. Je mond houden. Niet verzachten. Geen hulp aanbieden. De boodschap laten landen. Adem in, adem uit en zie het aapje overspringen van jouw schouder naar die van de ander. Dat voelt dan toch wel lekker.

Maar wat nu als die ander een terugtrekkende beweging maakt? Het aapje wordt niet begripvol opgevangen. Het belandt met een rotklap op de grond. Dankzij jouw grens ligt er een hoopje pluizige ellende tussen jullie in. De ander maakt geen aanstalten om eerste hulp te verlenen. Sterker nog: jij wordt aangekeken. En je vindt het zelf eigenlijk ook wel zielig.

Ok, tot zo ver de apenmetafoor. Maar stel je eens voor dat het om je levenswerk gaat. De overdracht van een project waar je je ziel en zaligheid in hebt gestoken. Een sportteam dat je met liefde coacht en dat compleet op jou is gaan leunen. Een relatie die superbelangrijk voor je is, maar te veel van je vergt. Wat als je daar grenzen stelt? Eigenaarschap probeert over te dragen? En het wordt niet opgepakt? Laat je het dan klappen?

In de economie bestaat er zoiets al creatieve destructie. In een onhoudbaar systeem gaan er op den duur dingen stuk. Spelers overleven het niet. Gaan failliet. Anderen pakken een nieuwe plek. Er verschuiven dingen, zodanig dat het systeem weer houdbaar wordt. Wanneer we een grens trekken in een niet goed functionerende situatie gebeurt hetzelfde. Er gaat iets kapot. Om vervolgens ruimte te maken voor een nieuwe orde. Die beter functioneert.

Klinkt gezond. Maar dat dingen kapot gaan, ook al is dat op weg naar iets beters, daar zijn we over het algemeen niet erg van gecharmeerd. Ik niet althans. Zeker niet als je het ziet aankomen. En kunt voorkomen. Want dat denk je. Ten koste van jezelf, weliswaar. Maar van het alternatief (grens stellen, gevolgd door chaos) heb je ook last.

Tot het een keer op is. Je geduld. En dan is er niets anders over dan een harde grens trekken. Met abrupte gevolgen. Schokeffect. Crisis. Gevolgd door herstel, maar meestal slechts gedeeltelijk en langzaam. Hoe groter de aap, hoe minder de ander bereid is hem beet te pakken, hoe meer stukjes aap op de grond (niet visualiseren). Geen aantrekkelijk scenario.

Je moet dus eerder door de zure appel heen. Door te aanvaarden dat sommige dingen niet te redden zijn. Imperfectie te accepteren. De pijn moet soms eerst gevoeld worden, voordat anderen opstaan. Dus maak plek. Verdraag de transitie naar een betere oplossing. Maar stel die grens wel. Zo wordt je geen slachtoffer van een onhoudbaar systeem. Neem je verantwoordelijkheid voor wat je kunt dragen.

Ook ik leer om regelmatig bewust en strategisch een aapje te laten ploffen. Hoe pijnlijk ook. Het is nodig om met volle overgave voor mijn andere aapjes te kunnen zorgen. En die twee van mij hebben het allang begrepen. Stop, hou op. Wij zijn er ook nog.